Scholing en competenties: opmars van de specialist en vrijwilliger

In 2017 werkten er ruim 6.600 mensen in de openbare bibliotheken. Bibliotheken hebben te maken met een aantal ontwikkelingen die cruciaal zijn voor de in- en uitstroom van personeel en de benodigde vaardigheden van de medewerkers. Zo is er sprake van vergrijzing van het personeel, een geringe aanwas van nieuwe medewerkers en het ontbreken van branche-eigen vakopleidingen op mbo- en hbo-niveau. Ook is het aantal uren dat vrijwilligers werken sinds 2010 verdubbeld en is er behoefte aan de inzet van specialisten. De veranderende rol van de bibliotheek heeft tot gevolg dat er nieuwe taken voor het personeel zijn waar andere competenties voor nodig zijn.

Personeel: stand van zaken

In de afgelopen jaren is het aantal personeelsleden in vaste dienst sterk afgenomen, van circa 9.000 medewerkers in 2010 tot 6.682 in 2017. Deze afname is grotendeels via natuurlijk verloop gegaan (pensionering). Toch is de gemiddelde leeftijd van het bibliotheekpersoneel nog steeds vrij hoog. In 2017 was 63% van het personeel in loondienst 50 jaar of ouder. Tegenover de krimp van het personeel in vaste dienst staat een toename van het aantal ingezette vrijwilligers. Het vrijwilligersbestand was in 2017 ruim twee keer zo groot als het vaste personeelsbestand (KB, 2018a). Meer lezen over de omvang van het personeelsbestand? Lees dan ook het artikel Stabilisatie vast personeel, meer vrijwilligers.

Branchespecifieke opleiding ontbreekt

Er zijn verschillende onderzoeken uitgevoerd waarin het opleidingsniveau van het bibliotheekpersoneel is meegenomen. Hoewel de exacte meetwijze en cijfers enigszins variëren komt het algemene beeld van deze onderzoeken overeen. De meeste medewerkers in de openbare bibliotheken hebben een opleiding op mbo- of hbo-niveau (o.a. Stamet & Scheeren, 2013, Van Hassel & Kools, 2018). Een bibliotheekspecifieke opleiding voor nieuw bibliotheekpersoneel bestaat echter niet meer. De aanwas van nieuwe bibliothecarissen en andere medewerkers komt met name vanuit bredere opleidingen. Dat zijn bijvoorbeeld Informatiedienstverlening (mbo-niveau 4, tot 2018 aangeboden), hbo-ICT met de differentiatie Business Information & Media Studies, de bachelor Cultureel erfgoed of de master Archival and Information Studies (Huysmans, 2018). Over de  aansluiting van deze opleidingen op de praktijk zijn de meningen verdeeld. Ongeveer de helft van de bibliotheekdirecteuren meent dat de opleidingen op mbo- en hbo-niveau niet goed aansluiten op de arbeidsmarkt (Van Hassel & Kools, 2018).

Opinie over aansluiting opleidingen op de arbeidsmarkt

Aansluiting opleidingen op de arbeidsmarkt
Bron: Van Hassel & Kools, 2018

Meer behoefte aan specialisten

Experts zien een verschuiving in de gewenste samenstelling van het personeel en de indeling van functies. Met de veranderende rol van de bibliotheek zijn er in de loop van de jaren nieuwe functies ontstaan. Door de invoering van selfserviceconcepten is bijvoorbeeld de behoefte aan medewerkers klanten- en leenservice afgenomen, maar blijft de medewerker informatie en advies van groot belang om klanten proactief van informatie en advies te voorzien (Stamet & Scheeren, 2013).

Bibliotheekdirecteuren verwachten in de toekomst minder behoefte te hebben aan de meer algemene functies, zoals klantenservicemedewerkers, bibliotheekmedewerkers, secretariaatsmedewerkers en teamleiders. De behoefte aan specialisten, zoals mediacoaches, (lees)consulenten, projectleider/-medewerkers en communicatiemedewerkers zal naar verwachting juist stijgen (Van Hassel & Kools, 2018). Dat is nu al zichtbaar bij de huidige dienstverlening rondom basisvaardigheden voor volwassen, voor- en vroegschoolse educatie en de samenwerking met het onderwijs. Educatief specialisten, domeincoördinatoren en lees- en mediaconsulenten worden het meest voor deze domeinen ingezet. Het merendeel van deze medewerkers  heeft een opleiding op hbo-niveau afgerond (KB, 2017a-b; KB, 2018a-c).

Personeelsbehoefte bibliotheekdirecteuren

Personeelsbehoefte
Van Hassel & Kools, 2018

Grotere inzet vrijwilligers 

Naast de verschuiving van algemeen naar specialistisch personeel is ook een verschuiving zichtbaar van personeel in vaste dienst naar een grotere inzet van vrijwilligers. Sinds 2010 is het aantal vrijwilligers in de bibliotheken flink gestegen, tot circa 16.000 in 2017 (KB, 2018a). De mate waarin vrijwilligers taken uitvoeren die eerder door betaald personeel werden uitgevoerd en wat de consequenties daarvan zijn, is onderwerp van discussie in de sector. Onderzoek in opdracht van Stichting BibliotheekWerk in 2014 en 2017 liet zien dat ruim een kwart van de bibliotheken vrijwilligers werk uit laat voeren dat eerder door betaalde medewerkers werd gedaan. Vrijwilligers vangen steeds vaker de algemene functies op om het betaalde personeel vrij te spelen voor aanvullende en/of vernieuwende taken (Van den Berg, 2014, Von der Fuhr et al, 2018). Dit heeft gevolgen voor de hoeveelheid betaalde banen en voor het deskundigheidsniveau waarmee de meer algemene functies worden ingevuld. Zo stelt hoogleraar Bibliotheekwetenschap Frank Huysmans dat dit de indruk wekt dat voor het werk geen specifieke deskundigheid is vereist en dit ook niet beloond hoeft te worden (Huysmans, 2017). Lees ook het artikel Vrijwilligers in de bibliotheek voor meer informatie over dit onderwerp.

Andere bibliotheek, andere competenties

Dat de veranderende rol en taken van bibliotheken ook om andere competenties van medewerkers vragen, is al jaren een belangrijk punt van gesprek. Cruciaal voor medewerkers in de frontoffice zijn een proactieve, benaderbare en gastvrije houding en inzicht in de wensen en behoeften van de gebruikers. Voor een backoffice functie is een projectmatige, resultaatgerichte manier van werken vereist (Oomes et al, 2011). In de arbeidsmarktanalyse van Stichting Bibliotheekwerk is aan bibliotheekdirecteuren en aan het bibliotheekpersoneel gevraagd wat zij als belangrijke competenties voor de toekomst zien. Bibliotheekdirecteuren vinden ondernemerschap/ netwerkvaardigheden, kennis van de lokale gemeenschap en klantgerichtheid de meest belangrijke competenties voor bibliotheekpersoneel. De bibliotheekmedewerkers zelf voegen daar de competentie kennis van digitale systemen aan toe.

Studie en deskundigheidsbevordering

De gewenste competenties zijn steeds vaker gerelateerd aan de ontwikkelingen in het digitale domein, maar ook op de uitstraling in de dienstverlening (klantgerichtheid). Dit heeft effect op het werven van nieuw personeel, de inrichting van opleidingen en de bijscholing van het zittende personeel (Huysmans & Hillebrink, 2008). Door de vergrijzing in de sector stromen meer nieuwe medewerkers in. Die instroom is een mooie gelegenheid om de vereiste competenties verder in en aan te vullen. Deze instroom is echter beperkt, vandaar dat ook sterk wordt ingezet op deskundigheidsbevordering van het huidige personeel. In totaal biedt 96% van de bibliotheekdirecteuren cursussen aan voor het personeel om ervoor te zorgen dat de huidige medewerkers op niveau blijven en verder professionaliseren. Daarnaast worden ook kortlopende opleidingen (86%) en workshops (80%) aangeboden (Van Hassel & Kools, 2018). In 2017 investeerden bibliotheken 3,2 miljoen euro in studie en deskundigheidsbevordering, bovenop de personeelskosten van 232,7 miljoen euro (45% van de totale lasten) (KB, 2018a). Meer lezen over deze en andere kostenposten? Lees dan ook het artikel Baten en lasten bibliotheken.

Kosten met betrekking tot studie en deskundigheidsbevordering, 2009-2017

Personeels- en studiekosten
Bron: KB, 2018a.

Informeel leren

Naast deze vormen van formeel leren, stimuleren bibliotheken informeel leren in de vorm van kennisdeling op landelijk en provinciaal niveau. Zo kan bibliotheekpersoneel deelnemen aan projectgroepen en kenniskringen of themagroepen met medewerkers uit verschillende bibliotheekorganisaties. Dit wordt georganiseerd door provinciale ondersteuningsinstellingen (POI's), landelijke programma’s of de KB (Cubiss, 2015). Daarnaast vormt het landelijke Bibliotheekcongres een bron van kennis en inspiratie, met workshops, presentaties en debatten. Digitaal bieden platforms als Biebtobieb en MetdeKB medewerkers de mogelijkheid om kennis te delen, nieuwe ideeën te creëren en samen te werken. Ook worden nieuwe initiatieven gestart, zoals Bieb-a-palooza - de talkshow voor bibliotheekprofessionals - en webinars om een impuls te geven aan kennisdeling in de openbare bibliotheeksector.

Bronnen