Scholing en competenties

In 2018 werkten in alle openbare bibliotheken samen bijna 7 duizend mensen. Bibliotheken hebben te maken met een aantal ontwikkelingen, die cruciaal zijn voor de in- en uitstroom van personeel en de benodigde vaardigheden van de medewerkers. Zo is er sprake van vergrijzing van het personeel, een geringe aanwas van nieuwe medewerkers en het ontbreken van branche-eigen vakopleidingen op mbo- en hbo-niveau. Ook is het aantal vrijwilligers dat in de bibliotheek werkt sinds 2010 verdrievoudigd en is er behoefte aan de inzet van specialisten. De veranderende rol van de bibliotheek heeft tot gevolg dat er nieuwe taken voor het personeel zijn, waarvoor ook andere competenties  nodig zijn. In dit artikel lees je meer over het veranderende personeel in de bibliotheekbranche.

Toename vast personeel en vrijwilligers

Tussen 2010 en 2013 is het aantal personeelsleden in vaste dienst sterk afgenomen; het personeelsbestand werd zo’n 25% kleiner. Sinds 2016 is zowel het aantal personen als het aantal fte’s relatief stabiel. In 2018 was zelfs sprake van een lichte stijging, tot bijna 7 duizend medewerkers in loondienst. Dat veel vestigingen tijdens de recessie, ondanks de krimp in het personeelsbestand, open konden blijven, is mede gerealiseerd door de inzet van vrijwilligers. Bijna alle bibliotheken maakten in 2018 gebruik van vrijwilligers. Sinds 2010 is het aantal vrijwilligers flink gestegen, van circa 7 duizend tot bijna 20 duizend in 2018 (Van de Burgt & Van de Hoek, 2019; CBS, 2019).

Branchespecifieke opleiding ontbreekt

Er zijn verschillende onderzoeken uitgevoerd waarin het opleidingsniveau van het bibliotheekpersoneel is meegenomen. Hoewel de exacte meetwijzen en cijfers enigszins variëren, komt het algemene beeld van deze onderzoeken overeen. De meeste medewerkers in de openbare bibliotheken hebben een opleiding op mbo- of hbo-niveau (o.a. Stamet & Scheeren, 2013; Van Hassel & Kools, 2018). Een bibliotheekspecifieke opleiding voor nieuw bibliotheekpersoneel bestaat echter niet meer. De aanwas van nieuwe bibliothecarissen en andere medewerkers komt met name vanuit bredere opleidingen. Dat zijn bijvoorbeeld Informatiedienstverlening (mbo-niveau 4, tot 2018 aangeboden), hbo-ict met de differentiatie Business Information & Media Studies, de bachelor Cultureel erfgoed of de master Archival and Information Studies (Huysmans, 2018). Over de aansluiting van deze opleidingen op de praktijk zijn de meningen verdeeld. Ongeveer de helft van de bibliotheekdirecteuren meent dat de opleidingen op mbo- en hbo-niveau niet goed aansluiten op de arbeidsmarkt (Van Hassel & Kools, 2018).

Aansluiting opleidingen
Bron: Van Hassel & Kools, 2018.

Meer behoefte aan specialisten

Experts zien een verschuiving in de gewenste samenstelling van het personeel en de indeling van functies. Met de veranderende rol van de bibliotheek zijn er in de loop van de jaren nieuwe functies ontstaan. Door de invoering van selfserviceconcepten is bijvoorbeeld de behoefte aan medewerkers klanten- en leenservice afgenomen, maar blijft de medewerker informatie en advies van groot belang om klanten proactief van informatie en advies te voorzien (Stamet & Scheeren, 2013). Bibliotheekdirecteuren verwachten in de toekomst minder behoefte te hebben aan meer algemene functies, zoals klantenservicemedewerkers, bibliotheekmedewerkers, secretariaatsmedewerkers en teamleiders. De behoefte aan specialisten, zoals mediacoaches, (lees)consulenten, projectleiders en -medewerkers en communicatiemedewerkers, zal naar verwachting juist stijgen (Van Hassel & Kools, 2018). Dat is nu al zichtbaar bij de huidige dienstverlening rondom basisvaardigheden voor volwassen, voor- en vroegschoolse educatie en de samenwerking met het onderwijs. Educatief specialisten, domeincoördinatoren en lees- en mediaconsulenten worden het meest voor deze domeinen ingezet (KB, 2018, 2019a-b; Van de Hoek & Van de Burgt, 2019).

Personeelsbehoefte
Bron: Van Hassel & Kools, 2018.

Grotere inzet vrijwilligers

Naast de verschuiving van algemeen naar specialistisch personeel is ook een verschuiving zichtbaar van personeel in vaste dienst naar een grotere inzet van vrijwilligers. Sinds 2010 steeg het aantal vrijwilligers in de bibliotheken flink, tot bijna 20 duizend in 2018 (Van de Burgt & Van de Hoek, 2019). De mate waarin vrijwilligers taken uitvoeren die eerder door betaald personeel werden uitgevoerd en wat de consequenties daarvan zijn, is in de sector onderwerp van discussie. Onderzoek in opdracht van Stichting BibliotheekWerk in 2014 en 2017 liet zien dat ruim een kwart van de bibliotheken vrijwilligers werk uit laat voeren dat eerder door betaalde medewerkers werd gedaan. Vrijwilligers vangen steeds vaker de algemene functies op om het betaalde personeel vrij te spelen voor aanvullende of vernieuwende taken (Van den Berg, 2014; Von der Fuhr et al., 2018). Dit heeft gevolgen voor de hoeveelheid betaalde banen en voor het deskundigheidsniveau waarmee de meer algemene functies worden ingevuld. Zo stelt hoogleraar Bibliotheekwetenschap Frank Huysmans dat dit de indruk wekt dat voor het werk geen specifieke deskundigheid is vereist en dit ook niet beloond hoeft te worden (Huysmans, 2017).

Andere bibliotheek vraagt om andere competenties

Dat de veranderende rollen en taken van bibliotheken ook om andere competenties van medewerkers vragen, is al jaren een belangrijk punt van gesprek. Cruciaal voor medewerkers in de frontoffice zijn een proactieve, benaderbare en gastvrije houding en inzicht in de wensen en behoeften van de gebruikers. Voor een backofficefunctie is een projectmatige, resultaatgerichte manier van werken vereist (Oomes et al., 2011). In de arbeidsmarktanalyse van Stichting Bibliotheekwerk is aan bibliotheekdirecteuren en -personeel gevraagd wat zij als belangrijke competenties voor de toekomst zien. Directeuren zien ondernemerschap en netwerkvaardigheden, kennis van de lokale gemeenschap en klantgerichtheid de belangrijkste competenties voor bibliotheekpersoneel. Bibliotheekmedewerkers zelf voegen daar de competentie kennis van digitale systemen aan toe.

Bibliotheken investeren in deskundigheidsbevordering

De gewenste competenties zijn steeds vaker gerelateerd aan de ontwikkelingen in het digitale domein, maar ook aan klantgerichtheid en uitstraling in de dienstverlening. Dit heeft effect op het werven van nieuw personeel, de inrichting van opleidingen en de bijscholing van het zittende personeel (Huysmans & Hillebrink, 2008). Pensionerende werknemers stromen uit en nieuwe werknemers stromen in. Die instroom is een mooie gelegenheid om de vereiste competenties verder in- en aan te vullen. Deze instroom is echter beperkt. Daarom wordt ook sterk ingezet op deskundigheidsbevordering van het huidige personeel. In totaal biedt 96% van de bibliotheekdirecteuren het personeel cursussen aan om ervoor te zorgen dat de huidige medewerkers op niveau blijven en verder professionaliseren. Daarnaast worden ook kortlopende opleidingen (86%) en workshops (80%) aangeboden (Van Hassel & Kools, 2018). In 2018 investeerden bibliotheken 3,6 miljoen euro in studie en deskundigheidsbevordering, boven op de bestaande kosten voor personeel in loondienst van 244,9 miljoen euro, die verantwoordelijk zijn voor 47% van de totale lasten (Van de Burgt & Van de Hoek, 2019).

Personeels- en studiekosten
Van de Burgt & Van de Hoek, 2019.

Informeel leren via landelijke kennisdeling

Naast deze vormen van formeel leren stimuleren bibliotheken ook informeel leren, in de vorm van kennisdeling op provinciaal en landelijk niveau. Zo kan bibliotheekpersoneel deelnemen aan projectgroepen en kenniskringen of themagroepen met medewerkers uit verschillende bibliotheekorganisaties. Deze worden georganiseerd door provinciale ondersteuningsinstellingen (POI's), landelijke programma’s of de KB (Cubiss, 2015). Daarnaast vormt het landelijke Bibliotheekcongres een bron van kennis en inspiratie, met workshops, presentaties en debatten. Digitaal bieden platforms als Biebtobieb en MetdeKB medewerkers de mogelijkheid kennis te delen, nieuwe ideeën te creëren en samen te werken. Ook worden nieuwe initiatieven gestart, zoals Bieb-a-palooza – de talkshow voor bibliotheekprofessionals – en webinars, om een impuls te geven aan kennisdeling in de openbare bibliotheeksector.

Bronnen