Vrijwilligers in de bibliotheek

Helft Nederland doet jaarlijks vrijwilligerswerk

Exacte gegevens over het aantal vrijwilligers in Nederland zijn lastig te geven, omdat de cijfers per onderzoek wisselen en niet eenduidig zijn. In 2016 deed 36% van de Nederlanders minstens één keer per jaar vrijwilligerswerk voor een maatschappelijke organisatie. Dat blijkt uit het tweejaarlijks onderzoek Geven in Nederland (2017). Over de periode 2012-2016 berekent het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat 49% van de Nederlanders minimaal één keer per jaar vrijwilligerswerk verricht (Movisie, 2017). Veel vrijwilligers werken in de cultuursector. Uit cijfers van de Cultuurindex Nederland blijkt dat het aantal vrijwilligers in de podiumkunstensector een stijgende lijn vertoont. In 2013 telde de Cultuurindex 8.100 vrijwilligers, in 2017 ruim 10.000 (Brom et al., 2019).

Drie typen vrijwilligers

Ook naar het type burger dat vrijwilligerswerk doet, is onderzoek gedaan. Het eerste type zijn de gezellige empty nesters: actieve zestigplussers met een rijtjeswoning en uitwonende kinderen. Daarnaast doen veel bescheiden ouderen vrijwilligerswerk; dit zijn gepensioneerde 65-plussers met een beperkt inkomen, appartement en achteruitgaande gezondheid. Tot slot zijn er de zorgeloze actievelingen: hoogopgeleide vijftigplussers met een ruime koopwoning en uitwonende kinderen (Probiblio, 2019a).

Bibliotheek telt meer vrijwilligers dan betaalde krachten

Een stijgende lijn is ook terug te zien in de bibliotheekbranche. Uit onderzoek van de KB blijkt dat het aantal vrijwilligers in de bibliotheekbranche sinds 2010 flink is gestegen, tot bijna 20 duizend in 2018 (Van de Burgt & Van de Hoek, 2019). Vrijwel alle bibliotheekorganisaties werken met vrijwilligers en meer dan de helft van de bibliotheken werkt met 70 vrijwilligers of meer. De verwachting is dat het aantal vrijwilligers de komende jaren verder toeneemt (Von der Fuhr et al., 2017). Waar het aantal vrijwilligers blijft stijgen, is het aantal betaalde medewerkers in bibliotheken gestabiliseerd. Tussen 2010 en 2013 is het aantal personen in vaste dienst zo’n 25% kleiner geworden. Sinds 2013 fluctueert de omvang van de personeelsbestand nog enigszins, maar is zowel het aantal personen als het aantal fte’s relatief stabiel (Van de Burgt & Van de Hoek, 2019). Eerdergenoemde verschuivingen vallen bijvoorbeeld te verklaren door opeenvolgende bezuinigingen en de transitie van uitleenbibliotheek naar maatschappelijk betrokken bibliotheek: door de inzet van vrijwilligers kan worden bespaard op personele kosten en kan ook de aanvullende dienstverlening die veel bibliotheken sinds de inwerkingtreding van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob) in 2015 zijn gaan uitvoeren op een rendabele manier worden uitgevoerd. Ook de recente ontwikkeling van de participatiemaatschappij geeft een belangrijke impuls aan de inzet van vrijwilligers bij bibliotheken. (Verhoeven & Mendonça Dias, 2020).


Bron: Van de Burgt & Van de Hoek, 2019.

Typen bibliotheekvrijwilligers volgens Stichting BibliotheekWerk

De term vrijwilliger lijkt eenduidig, maar in de praktijk zijn bij bibliotheken verschillende typen vrijwilligers actief. In het onderzoek van Stichting BibliotheekWerk (SBW) uit 2017 is onderscheid gemaakt tussen 3 soorten vrijwilligers (Von der Fuhr et al., 2017):

  • Type A: vrijwilligers die rechtstreeks onder de bibliotheek vallen;
  • Type B: vrijwilligers die wel voor de bibliotheek werken, maar aan een andere organisatie verbonden zijn, zoals het UWV of een sociale werkplaats, meestal als tegenprestatie voor een uitkering;
  • Type C: vrijwilligers die vanuit een andere organisatie vrijwilligerswerk doen bij de bibliotheek, zoals vanuit een vrijwilligersorganisatie.


Bron: Von der Fuhr et al., 2017.

Typen bibliotheekvrijwilligers volgens Cubiss

Cubiss heeft een model met verschillende typen vrijwilligers ontwikkeld, dat onderscheid maakt tussen (Cubiss, 2017a):

  1. De ondersteuner (bijvoorbeeld opruimhulp). Deze vrijwilliger heeft een afgebakend takenpakket; hij is niet op zoek naar uitdaging, maar naar sociaal contact. Dit type zet zich vaak voor langere tijd enkele uren per week in;

  2. De publieke dienstverlener (bijvoorbeeld gastheer of -vrouw). Deze vrijwilliger heeft ook een afgebakend takenpakket, maar zoekt meer uitdaging. Dit type zet zich vaak voor langere tijd enkele uren per week in;

  3. De expertvrijwilliger (bijvoorbeeld taalvrijwilliger). Deze vrijwilliger voert zijn taak uit op basis van zijn specifieke kennis, competenties en wensen. Dit type zet zich vaak voor een korte, maar periode in;

  4. De actieve burger (bijvoorbeeld bij burgerinitiatieven). Deze vrijwilliger neemt zelf initiatief om een maatschappelijk gat te dichten. Er is geen directe sturing vanuit de bibliotheek. De actieve burger is dan ook eerder een samenwerkingspartner, wiens belangen matchen met die van de bibliotheek;

  5. De geleide vrijwilliger (bijvoorbeeld als tegenprestatie voor een uitkering). Deze vrijwilliger heeft maatschappelijke activering of participatie als doel. Hij krijgt daarbij specifieke begeleiding. De geleide vrijwilliger kan werken als drie typen: de ondersteuner, de publieke dienstverlener en de expertvrijwilliger.

Inzet op simpele taken of vanwege specifieke kennis

Bibliotheken zetten vrijwilligers grofweg in op twee verschillende plekken binnen de organisatie. Aan de ene kant krijgen ze simpele taken, zoals de bezorging van materialen aan huis en de verwerking van teruggebrachte materialen. Op die manier kunnen betaalde medewerkers aan nieuwe of andere taken werken. Aan de andere kant zetten bibliotheken vrijwilligers ook in vanwege hun specifieke kennis, bijvoorbeeld als voorlezer bij de VoorleesExpress, als taalvrijwilliger in een (digi)Taalhuis of als hulp bij de organisatie en begeleiding van maakplaatsen en programmeeronderwijs, zoals makerplaatsen, coderdojo’s en fablabs (Probiblio, 2019b). Steeds vaker krijgen vrijwilligers training om hun taken te verrichten. Vrijwel alle bibliotheken die vrijwilligers inzetten voor het domein basisvaardigheden laten hen een inhoudelijke training specifiek voor vrijwilligers volgen (99%) (Van de Hoek & Van de Burgt, 2019).

Groot deel bibliotheken heeft vrijwilligersbeleid

Het merendeel van de bibliotheken (88%) heeft beleid opgesteld rondom de inzet van vrijwilligers. Over het algemeen geldt dat hoe meer vrijwilligers er werkzaam zijn in een bibliotheek, hoe vaker er beleid geformuleerd is. De drie onderdelen die het meest zijn vastgelegd in beleid zijn (Von der Fuhr et al., 2017):

  1. De visie op vrijwilligerswerk;
  2. De positie van vrijwilligers in de organisatie;
  3. De rechten en plichten van vrijwilligers.

Vrijwilligerscoördinator in opkomst

Met de groei van het aantal vrijwilligers lijkt ook de behoefte aan het coördineren van die vrijwilligers en hun taken toe te nemen. Steeds meer bibliotheken hebben daarom een vrijwilligerscoördinator in dienst, die zorgt voor verschillende zaken rondom de werving en begeleiding van vrijwilligers. De coördinator gaat op zoek naar de juiste vrijwilliger voor de juiste plek. Een vrijwilligerscoördinator heeft daarnaast vaak nog andere taken in zijn pakket. Binnen de bibliotheekbranche is het wel altijd een betaalde functie (Cubiss, 2016). Vrijwilligerscoördinatoren geven vaak aan dat hun functie vrij eenzaam is, omdat zij de enige binnen hun bibliotheek zijn die een dergelijke functie uitvoert (Cubiss, 2016). Ook hebben zij voor deze taak vaak een klein aantal uren beschikbaar. Voor een derde van de coördinatoren gaat het om minder dan 4 uur (Von der Fuhr et al., 2017). De groei van het aantal vrijwilligerscoördinatoren heeft geleid tot meer aandacht voor deze functie en een toename van het aantal trainingen.

Maatschappelijke effecten van vrijwilligerswerk groot

De maatschappelijke waarde van vrijwilligerswerk kan op verschillende vlakken effect hebben. Vrijwilligers zijn waardevolle ambassadeurs van de bibliotheek, die bijdragen aan het versterken van de lokale en regionale verbondenheid tussen de bibliotheek en een wijk, dorp of stad. De bibliotheek draagt bij aan de terugkeer naar betaald werk: soms doen vrijwilligers die afhankelijk zijn van een uitkering vrijwilligerswerk in het kader van re-integratie. Vrijwilligerswerk kan bovendien in hoge mate bijdragen aan de persoonlijke ontwikkeling van de vrijwilliger. Het zorgt voor sociale samenhang en leefbaarheid. Mensen komen in de bibliotheek bijvoorbeeld in aanraking met culturen waarmee ze in het dagelijks leven weinig te maken hebben. Er zijn steeds meer aanwijzingen dat vrijwilligerswerk de vrijwilliger gezondheidswinst oplevert (Cubiss, 2017b). Ook gaven taalcoaches in een onderzoek van Probiblio aan winst te behalen door de omgang met een andere taal. Daarnaast vonden zij het prettig het gevoel te hebben de inburgering te stimuleren. Ook het feit dat ze samenwerken met mensen uit andere culturen en dat ze andere mensen iets leren draagt bij aan hun gevoel van voldoening (Probiblio, 2019c). Ook uit onderzoek van het CBS blijkt dat vrijwilligers zich gelukkiger voelen: van de mensen die vrijwilligerswerk doen zegt 91 procent gelukkig te zijn, tegen 85 procent van de mensen die geen vrijwilligerswerk doen. (CBS, 2020). Zaken als het opdoen van nieuwe vaardigheden en werkervaring of het aanvullen van hun cv spelen nauwelijks een rol in de motivatie voor vrijwilligerswerk voor de bibliotheek, blijkt uit onderzoek. De ondervraagde vrijwilligers geven de bibliotheek als organisatie om voor te werken een gemiddeld rapportcijfer van 7,9 (Probiblio, 2019c). 

Opbrengsten vrijwilligerswerk lastig te schatten

De veronderstelde maatschappelijke waarde van vrijwilligerswerk is groot. Het is echter moeilijk de werkelijke opbrengsten van vrijwillige inzet te meten of in economische waarde te vangen. De Erasmus Universiteit ontwikkelde drie perspectieven om de baten bij benadering weer te geven. Zo kun je kijken naar de vervangingswaarde: wat kost het als je al het vrijwilligerswerk door een betaalde kracht zou laten uitvoeren? De investeringswaarde meet de inkomsten die een vrijwilliger misloopt omdat hij niet wordt betaald voor zijn inzet. Tot slot heeft de marktwaarde als uitgangspunt dat vrijwilligers hun werk ook op commerciële basis hadden kunnen verrichten (Meijs, 2012).

Werken met vrijwilligers kost ook geld en tijd

De kosten van het werken met vrijwilligers zitten grotendeels in het aantal uren dat de vrijwilligerscoördinator wekelijks besteedt aan de begeleiding. Ook tellen de uren mee die het management nodig heeft om beleid op dit onderwerp te maken. Daarnaast worden kosten gemaakt bij de werving en selectie van nieuwe vrijwilligers, verzekeringen, scholing, een periodieke attentie, reiskosten en vergoedingen voor specifieke activiteiten (Cubiss, 2017b).

Medezeggenschap door vrijwilligers niet vanzelfsprekend

Medezeggenschap door vrijwilligers bij bibliotheken is niet vanzelfsprekend of gebruikelijk. Uit onderzoek in opdracht van Stichting BibliotheekWerk blijkt dat 4% van de bibliotheken vrijwilligers betrekt bij medezeggenschap. Bibliotheek Arnhem startte als eerste bibliotheek in Nederland met een vrijwilligersraad. Bij medezeggenschap wordt vaak gedacht aan een formele vorm, zoals een ondernemingsraad (OR) of een raadstructuur. In relatie tot vrijwilligers roept een dergelijke vorm bij directie, medewerkers en vrijwilligers zelf vaak onrust en vragen op: er is weinig enthousiasme om nog een vergaderstructuur aan de organisatie toe te voegen (Cubiss, 2017b).

Directe participatie heeft gunstig effect

Er zijn echter ook andere vormen van medezeggenschap voor vrijwilligers, zoals door de Vereniging Nederlandse Organisaties Vrijwilligerswerk (NOV) uitgewerkt en weergegeven op een speciale website. Het voordeel van directe participatie is dat de kennis en ervaring van de vrijwilligers beter benut worden in de besluitvorming. Dat heeft een gunstig effect op de uitvoering van besluiten. Daarnaast kan deelname van vrijwilligers aan diverse overleggen de samenwerking tussen betaalde krachten en vrijwilligers versterken.

Vrijwilligers brengen ervaringskennis

In de bibliotheekbranche is veel discussie over de toenemende inzet van vrijwilligers. Mensen die met een positieve blik naar deze tendens kijken, het als een ontwikkeling die hoort bij een participatiemaatschappij. Het publieke domein wordt steeds meer een zaak van burgers. Vrijwilligerswerk is daarbij een mogelijke oplossing voor verschillende maatschappelijke problemen, zoals bezuinigingen in het culturele veld (Cubiss, 2017b). Bovendien kunnen vrijwilligers een belangrijke meerwaarde geven aan het bibliotheekwerk. Ze brengen bijvoorbeeld bepaalde ervaringskennis met zich mee. Denk aan gepensioneerden met werkervaring in de informatiedienstverlening of het onderwijs. Maar ook aan mensen met een vluchtelingachtergrond, die kunnen meedenken over taalactiviteiten of het beter bereiken van bepaalde doelgroepen (Movisie, 2014).

Vrijwilligers als kostenbesparing

Mensen die kritisch zijn over de toename van het vrijwilligerswerk, zien deze tendens vooral als kostenbesparing of bezuinigingsmiddel. Ze waarschuwen voor het achteruitgaan van de kwaliteit en een devaluatie van het vak. De sterke toename van vrijwilligers geeft het signaal dat veel van het werk geen specifieke deskundigheid vereist en ook niet beloond hoeft te worden (Huysmans, 2017). Nader onderzoek moet laten zien in hoeverre de inzet van vrijwilligers werkelijk geschoold werk verdringt en uitholt of juist een toevoeging op traditionele taken vormt. Stichting Bibliotheekwerk heeft hier een eerste aanzet voor gedaan in het onderzoek naar vrijwilligers in de bibliotheek uit 2017. Daaruit blijkt dat vrijwilligers in één op de vier bibliotheekorganisaties taken overnemen van betaalde krachten, zodat die zich kunnen focussen op nieuwe of complexere taken (Von der Fuhr et al., 2017).

Bronnen